Met Brede School De Terrilling gebruikt Samenlevingsopbouw RIMO Limburg de kracht van de buurt om de onderwijskansen van leerlingen in de wijk Beringen-Mijn te verbeteren. Het praktijkkader ‘Aandachtsbieden versterken’ help daarbij.

We voeren dit gesprek tussen de pompeuze mijnkathedraal en de Fatih Moskee, waar Vlaams minister Liesbeth Homans eerder dit jaar de erkenning van introk. Het gebouw waar we met onze drie gesprekspartners zitten, heet Het Melkhuisje. “Mijnwerkers kregen hier vroeger gratis melk , omdat men geloofde dat melk de ongezonde lucht in de mijn verzacht” vertelt Patrick Moons ons.


Beringen 1


De Cité

Beringen-Mijn telt zo’n 1300 woningen en 4000 bewoners. De bewoners zijn voornamelijk van Turkse, Belgische en Italiaanse origine. De laatste jaren vinden ook nieuwkomers uit Oost-Europa een onderkomen in de wijk. Moons werkt al jaren als buurtwerker in “de Cité”. Zijn fascinatie voor  de mondelinge buurtgeschiedenis leverde verschillende rijke projecten en twee publicaties op. Deze verhalen illustreren hoe de mijnmaatschappij een soort totaalinstitutie was. De Cité ligt behoorlijk afgelegen van het centrum en de Société anonyme Charbonnages de Beeringen, de uitbater van de mijn, controleerde alles. Ze verhuurde de woningen aan haar werknemers, haalde paters en nonnen in om les te geven in haar scholen, en had zelfs een eigen  toezichters, “de gardes van de put”, die op de buurt toezag. Wie voor de mijn werkte was er totaal afhankelijk van en moest in de pas lopen.

Ook vandaag is de sociale druk groot. “Hier heerst diepe armoede,” weet Katrien Franssens, projectleider bij RIMO. "Sommige mensen die echt geen uitweg zien, doen een beroep op informele solidariteit. Dat is een troef voor de buurt, maar kan soms ook een valkuil zijn. De solidariteit die mensen op die manier ondervinden kan ook voorwaardelijk zijn. Gezinnen dienen zich bijvoorbeeld te conformeren naar culturele of religieuze ‘voorschriften’. Beringen-Mijn is een homogene gemeenschap: meer dan 75 procent van de bewoners is Turks. Ik denk wel eens dat wij de superdiversiteit van de grote steden missen. Die verscheidenheid zorgt tenminste voor discussie die hier ontbreekt.”

De wijk bestaat uit twee delen, van elkaar gescheiden door de drukke Koolmijnlaan. Hoe dichter de woningen gelegen zijn tegen de Koolmijnlaan, hoe mooier. Dit zijn de woningen waar vroeger de bedienden en de directie woonden. Het zijn prachtige huizen met veel groen. De woningen die verder van de mijn afliggen, zijn de typische arbeiderswoningen. Ze zijn klein, zien er oud en bouwvallig uit, en staan dicht op elkaar gepakt.. Zo dicht dat in sommige straten de vuilkar niet in kan. “Afbreken mag niet, want ze zijn beschermd als erfgoed,” legt Moons uit. “Alleen genieten ze van het laagste beschermingsniveau. Dat wil zeggen dat er ook geen subsidies beschikbaar zijn om ze te renoveren.” 


Beringen 2


46 procent

In de jaren ’40 en ’50 kende Beringen-Mijn zijn hoogdagen, maar daarna ging het snel bergaf tot de sluiting in 1989. Bijna dertig jaar later is dat drama nog niet verteerd. Dat zie je bijvoorbeeld in het onderwijs. In 2015 bleek uit een onderzoek dat maar liefst 46 procent van de kinderen uit Beringen-Mijn buiten de wijk naar school gaat. “Dat cijfer deed ons nadenken,” herinnert Moons zich. Er stelden zich voor het grondrecht onderwijs en het recht op vrije tijd, sport en cultuur immers verschillende uitdagingen. In de kwetsbare buurt Beringen-Mijn ervaren kinderen ongelijke kansen om deel te nemen aan het vrijetijdsaanbod. Heel wat drempels weerhouden hen ervan om deel te nemen aan het reguliere jeugdwerk en sportverenigingsleven. Bovendien is het verenigingsleven in de buurt redelijk homogeen. Dit weerspiegelt zich in beperkte en informele sociale contacten. Daarnaast worden ook gelijke onderwijskansen niet gerealiseerd. De participatie en betrokkenheid van kwetsbare ouders op het schoolse gebeuren is er beperkt. We zijn met verschillende partners rond de tafel gaan zitten om naar oplossingen te zoeken.

De conclusie van het overleg was dat er, geïnspireerd door de inzichten van ‘Zaak Van Iedereen’, ingezet moest worden op een brede leer- en leefomgeving, die de ouders, de kinderen en de buurt zouden versterken. Enthousiaste ouders van een school waren al langer met het idee aan het spelen om een brede school op te starten. Patrick Moons vertrok vanuit dit enthousiasme en maakte de verbinding tussen verschillende partners. Drie scholen in de buurt besloten de handen in elkaar te slaan samen met RIMO Limburg, de dienst Samenleven van de stad Beringen en enkele geëngageerde ouders. Brede School De Terrilling was geboren. Via financiering van PWA Beringen en van minister Homans in het kader van de projectoproep “Bruggen bouwers”, kon opbouwwerkster Anna Dieltjens aangenomen worden om het samenwerkingsverband te coördineren. Naast het verhaal van de gelijke onderwijskansen wilden de initiatiefnemers een laagdrempelig en betaalbaar vrijetijdsaanbod in de wijk realiseren. Want hoewel Beringen-Mijn veel kinderen telt, is er een minimaal vrijetijdsaanbod dat aan hun noden en interesses in aangepast.


Beringen 3


Dubbele strategie

“Concreet hoeven kinderen niet meer om 15u15 opgehaald te worden op school, maar kunnen tot 16u30 à 17u op school blijven. In die extra tijd bieden wij hun een brede waaier aan vrijetijdsmogelijkheden aan,” legt Dieltjens uit. “Het systeem is laagdrempelig. Ouders moeten enkel de naam van hun zoon of dochter op een lijst zetten en die mogen dan tegen een zeer lage prijs aan alle activiteiten deelnemen. Ook kinderen die wel in de wijk wonen maar niet op één van de drie scholen zitten, zijn welkom.”“

Voor de uitbouw en invulling van dit vrijetijdsaanbod, passen we een dubbele strategie toe”, licht Dieltjens toe. “Enerzijds zetten we zelf nieuwe initiatieven op. Daar zit voor elk wat wils tussen. Vanaf oktober kunnen de kinderen onder andere kiezen tussen karate, schaken, multimove, multisport, theater, muziek, voetbal, hockey en knutselen. Elk semester bieden we een special aan. Dit keer is dat circustechnieken. Ja, dat is een hele waaier, maar het is organisch gegroeid. We zijn gaan kijken wie wat kan en wil doen. Zo zijn er heel wat leerkrachten die na hun uren tegen een vrijwilligersvergoeding het beste van zichzelf geven. Bovendien proberen we zo veel mogelijk het talent van de buurt in te zetten bij het organiseren van het activiteitenaanbod. In totaal doen elk trimester 120 kinderen mee aan een activiteit. Dat geeft een totaal van meer dan 2000 momenten waarop een kind aan iets meegedaan heeft.’”

Maar daar stopt het niet. Naast het eigen aanbod wil De Terrilling ook de bestaande clubs toegankelijker maken. “Met de steun van kabinet Homans en het Vlaams instituut voor Sportbeheer en Recreatiebeleid hebben we alle sportclubs die een aanbod organiseren in Beringen-Mijn aangesproken en zijn we bij hen langsgegaan. Samen hebben we bekeken wat er nodig is om een kwetsbaar publiek te ontvangen. Met resultaat: gedurende de maand september bieden we zelf geen activiteiten aan, maar mogen de kinderen overal twee keer gratis gaan testen. Wij gaan met hen mee. Dat is zeer tijdsintensief, maar je ziet dat het werkt. Volgende schooljaar is er ook een traject gepland om bruggen te bouwen naar het reguliere jeugdverenigingsleven in Beringen-Mijn.’


Extra aandacht voor armoede

“Iedereen is welkom,” benadrukt  Dieltjens, “maar we zetten extra in op de kansarme kinderen. Door de samenwerking met de scholen hebben we goed zicht op de gezinnen die het moeilijker hebben. Ik maak er een punt van om geregeld bij mensen langs te gaan. Die huisbezoeken zijn zinvol. Ik vraag hoe het met hen gaat, vraag of ze zin hebben om mee te doen, kijk of er korting mogelijk is … Het mooie is dat ook enkele scholen die praktijk van op huisbezoek gaan overgenomen hebben”

Brede school De Terrilling is meer dan een samenwerking tussen drie scholen. Het is een netwerk met heel veel partners. Niet alleen de sportclubs en de muziekacademie maar ook de stad Beringen - dienst samenleven, lokale armoedevereniging de Draaischijf, het cultuurcentrum, buurtwerking Beringen-Mijn, en tal van andere organisaties nemen een rol op. Dieltjens maakt het concreet wanneer ze uitlegt hoe De Terrilling zijn aanbod voor iedereen betaalbaar houdt.  “In regel vragen we twee euro per les, maar mensen met verhoogde tegemoetkoming betalen de helft. Van een paar gezinnen weten we dat ze het echt moeilijk hebben. Zij kunnen gratis deelnemen. Samen met de sportclubs zoeken we trouwens manieren om de zaak betaalbaar te houden. Geld van de mutualiteiten, die een deel van het lidgeld terugbetalen, is de eerste stap. Maar dankzij de hulp van lokale armoedevereniging vragen we ook budget aan bij sportparticipatie om 80 procent van het lidgeld terugbetaald te krijgen.”


Beringen 4



Werken aan de wijk

Typerend voor De Terrilling is dat het project de Cité niet als een probleem bekijkt, maar als een hefboom om het leven van de bewoners te verbeteren. Franssens is daarin realistisch. “Die tien lessen circustechniek zullen het verschil niet maken. Je moet naar het hele plaatje kijken. Het praktijkkader ‘Aandachtsgebieden versterken’ dat Samenlevingsopbouw Vlaanderen ontwikkelde, zorgt er mee voor dat we onze focus behouden.” Dit kader staat voor een integrale aanpak waarbij gelijktijdig op drie sporen wordt ingezet: grondrechten, community building en de ruimte publiek maken. “

Wat de toegang tot grondrechten betreft is het duidelijk: we creëren een betaalbaar en toegankelijk vrijetijdsaanbod. Dat is goed voor meer kwetsbaren en voor de sterkere gezinnen is het aanbod misschien een reden om in de wijk te blijven wonen. Op het vlak van gelijke onderwijskansen verlagen we de drempels tussen ouders en school. Ik geloof er ook sterk in dat ons concept van Brede School de relatie tussen kwetsbare kinderen en hun leerkracht verbetert. We richten ons heel erg op de talenten van kinderen. Murat is in de klas niet enkel meer de jongen die niet goed Nederlands spreekt, hij is nu ook de beste voetballer van de school. Dat is goed voor het zelfbeeld van zo’n jongen, maar het verandert ook de kijk die leerkrachten eerst van hem hadden.”

Ook wat community building betreft, zet het project stappen. “Naar een sportclub gaan, zit erg in de Vlaamse middenklassecultuur ingebakken. Dat is goed, want naast de sport en ontspanning, bouw je er een netwerk op dat breder is dan je eigen buren. We zien dat het kwetsbare groepen goed doet om hier ook toegang toe te hebben. Het verruimt hun blik en verruimt hun netwerk. Als je vrienden in de straat allemaal stoppen met studeren op hun 18 is het goed om zien dat dat ene vriendje van de turnkring wel voort studeert.”  Maar even belangrijk voor Franssens, is dat de verschillende organisaties in de wijk elkaar opnieuw leren kennen. “Onderwijs kijkt wat sportclubs voor hen kunnen betekenen. Sportclubs leren welzijnsorganisaties kennen, en die praten opnieuw met de stadsdiensten. Je ziet dat er een cultuur van dialoog en onderhandeling is ontstaan. Wij zijn daarin de netwerkpartner.”

Op het vlak van de ruimte publiek maken zet het project kleine stappen. “Doordat we de schoolgebouwen na de lesuren voor iedereen openstellen, worden deze gebouwen meer “publiek”. We willen daar verder in gaan, maar dit is een werk van lange adem. Met RIMO Limburg zijn we hier al jaren bezig om de openbare ruimte opnieuw in te richten zodat ze op maat is van bijvoorbeeld zowel kinderen, jongeren als senioren. Ik herinner me dat de Stad een paar jaar geleden een plein liet heraanleggen. Wij hebben ervoor gezorgd dat de speeltuigen aan één bepaalde kant van het plein gezet werden. Dat klinkt futiel, maar het was weldegelijk belangrijk. Patrick wist dat in de tijd van de mijn er een haag stond op dat plein. Aan één kant was het voor de kinderen van mijnwerkers verboden te spelen. Hun vader zou er zelfs een boete ter waarde van een vijfde van zijn loon voor krijgen. Dat strenge gebruik maakte dat oudere bewoners nog steeds ongemakkelijk werden bij het idee dat er nu gespeeld zou worden. Met zulke bezorgdheden rekening houden, en daarover in dialoog gaan, maakt dat bewoners zich meer eigenaar voelen van hun buurt.”


Beringen 5



De kracht van buurtwerk

Het voorbeeld van het plein bewijst het belang van een gedegen gebiedsanalyse. Een opbouwwerker moet zijn gebied vanuit verschillende invalshoeken durven bekijken en al die informatie met elkaar in verband brengen: demografisch, historisch, economisch, sociaal-cultureel en fysiek-ruimtelijk. Hierin schuilt de kracht van buurtwerk. “Patrick is al 11 jaar buurtwerker wijk Beringen-Mijn,” legt Franssens uit. “Hij kent de wijk op zijn duimpje. Zijn werk vormt de basis van al hetgeen wij hier doen.”

Brede School De Terrilling is daar een goed voorbeeld van. Op vlak van onderwijs waren de knelpunten al langer gekend door Moons en waar mogelijk gesignaleerd. Maar toen één van de drie scholen een buitenschools aanbod wilde ontwikkelen om werkende ouders de mogelijkheid te bieden om hun kinderen langer op school te laten, maakte hij de verbinding. “Toen ik dit Brede School – voorstel hoorde, ben ik erin geslaagd om het niet tot één school te beperken maar het op buurtniveau te tillen door andere actoren aan boord te hijsen. Op die manier kreeg het project een geheel nieuwe dimensie, waar heel Beringen-Mijn beter van wordt.”

Wanneer nieuwe projecten door anderen op gang getrokken zijn, staat Moons nog wel met zijn kennis en kunde paraat. “Patrick kent hier iedereen,” geeft Dieltjens aan. “In het begin was ik erg zenuwachtig over mijn huisbezoeken. Je komt uiteindelijk toch bij wildvreemden over de vloer. Mensen die het vaak niet makkelijk hebben. Maar omdat Patrick erbij was, was dat geen probleem. Iedereen vertrouwde mij omdat hij mij introduceerde.”“

Ik moet me hier met alles bezig houden,” lacht Moons. “Als ik merk dat er zich een nieuwe problematiek in de wijk voordoet, of dat nu op het vlak van wonen, onderwijs of maatschappelijke dienstverlening is, signaleer ik dat. Ikzelf en mijn collega’s van RIMO uiten die bekommernis in alle relevante gesprekken die we voeren. Je klopt steeds op dezelfde nagel. Meestal gebeurt daar op korte termijn niets mee, maar af en toe doet er zich een kans voor, en dan moet je snel zijn.”


Dit E-mail adres wordt beschermd tegen spambots. U moet JavaScript geactiveerd hebben om het te kunnen zien.

Foto's: © RIMO Limburg